zaterdag 9 februari 2013

Ik ga economie studeren (1969)

Toen ik in 1969 economie ging studeren aan de Vrije Universiteit (VU) in Amsterdam was ik vol goede moed: ik ging de wereld verbeteren. Dat kon want dankzij de wereldberoemde econoom Keynes wisten we hoe we de economie in een toestand van full employment .konden brengen. De overheid had de instrumenten om bij onderbesteding de bestedingen te stimuleren en bij overbesteding de bestedingen af te remmen. Het zat allemaal in die eenvoudige modelletjes die we al op de middelbare school hadden geleerd. Werkloosheid? Hups, overheidsuitgaven, in alle leerboeken aangeduid met G, omhoog en de werkloosheid verdwijnt als sneeuw voor de zon. Er zou nooit meer een Grote Depressie zijn.
            De VU was toen bezig zijn gereformeerde veren af te scheuren, maar mijn docenten waren toen toch niet erg bij de tijd. Zij wisten niet dat er toen (1969) al economen waren die aan deze maakbaarheid van de economie twijfelden. Deze economen geloofden niet dat de economie een mechaniekje was waarbij je alleen maar aan een paar knoppen hoeft te draaien om iedereen aan een baan te helpen. Deze economen zeiden dat als de overheid meer gaat uitgeven om de economie te stimuleren gezinnen inzien dat die extra uitgaven van de overheid later weer terug betaald moeten worden in de vorm van hogere belastingen. Gezinnen hebben ‘rationele verwachtingen’ over de effecten van hogere overheidsuitgaven. Dus: mensen gaan niet meer uitgeven, maar ze gaan juist meer sparen om die hogere belastingen later te kunnen betalen. Weg positief effect van G op U (werkloosheid). Het effect van overheidsingrijpen blijkt nul te zijn. Volgens deze economen dan.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten