zaterdag 16 maart 2013

Het CPB rekent politieke programma’s door

Er is een unieke traditie in Nederland, namelijk dat de programma’s van politieke partijen door het CPB worden ‘door-gerekend’. Het CPB berekent met behulp van een model wat de effecten van de beleidsvoorstellen zijn op de werkgelegenheid, de overheidsfinanciën, de inflatie, enzovoorts. Deze doorrekeningen hebben grote invloed op verkiezingscampagnes en misschien zelfs wel op de verkiezingsuitslag. Tijdens verkiezingsdebatten citeren lijsttrekkers hun mooie cijfers uit de CPB-doorrekening zonder dat in direct verband te brengen met de maatregelen uit hun verkiezingsprogramma en, natuurlijk, zonder de slechte rapportcijfers te vermelden. Ook de economische effecten, die het CPB veronderstelt bij zijn doorrekeningen en die tot de gunstige effecten hebben geleid laten de politici onbesproken. Zo is altijd een kenmerk van de modellen van het CPB geweest dat loonmatiging, belastingverlaging en verlaging van de sociale uitkeringen goed is voor de werkgelegenheid. Dat is een CPB-geloof, maar er is weinig bewijs voor, misschien zelfs eerder voor het tegendeel, namelijk dat hogere lonen tot betere werknemers leiden. In 1998 was ik zelf nauw betrokken bij het opstellen van een verkiezingsprogramma. In het programma van ‘mijn’ partij zat weinig belastingverlaging omdat wij vonden dat er gespaard moest worden voor de toekomst. Het gevolg was dat wij slechte rapportcijfers kregen van het CPB. Andere partijen hadden veel belastingverlaging, kregen goede rapportcijfers van het CPB, kwamen in de regering, voerden belastingverlagingen door en de Nederlandse economie raakte oververhit doordat er geen loonmatiging kwam.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen