dinsdag 26 maart 2013

Mijn eerste empirische onderzoek (1976-1978)

We weten nu hoe economen hypothesen toetsen. Zelf deed ik mijn eerste onderzoek vlak na mijn afstuderen in 1976 als econometrist. Ik had een baan als tijdelijk wetenschappelijk medewerker gekregen bij de VU en het idee was dat ik een proefschrift zou schrijven. Het onderzoek dat ik wilde doen was geïnspireerd door wie anders dan Jan Tinbergen. Tinbergen beweerde dat door de toename van het opleidingsniveau van de bevolking de inkomensongelijkheid in de maatschappij zou afnemen. Het is een misvatting, zo weet ik nu, maar toen wist ik dat nog niet. Ik wilde de hypothese van Tinbergen toetsen door de ontwikkeling van loonverhouding van werknemers in de Nederlandse industrie te relateren aan hun relatieve aantal. Als het aantal beter opgeleide werknemers meer zou toenemen dan het aantal minder goed opgeleide werknemers, dan zou het loon van de laatste groep meer moeten stijgen dan dat van de eerste groep: the Tinbergen hypothesis confirmed. De data die ik gebruikte kwamen van het CBS, uit de zogeheten loonstructuuronderzoeken. Toendertijd moest je nog daadwerkelijk naar het CBS toe om gegevens over te schrijven of te kopiëren. Dus dat deed ik en toen kon ik aan de slag. Ik had een regressiemodel (een cross-sectie van tijdreeksen voor de liefhebbers) een hypothese, een computer, data. Wat kon er fout gaan? Veel! Mijn grootste probleem was dat er of niets uitkwam, of het verkeerde resultaat (inkomensongelijkheid nam toe). Ik probeerde van alles om uit te vinden waar de fout zat, maar na twee jaar zoeken kwam ik tot de ontdekking dat ik weer op hetzelfde punt was aanbeland als bij het begin van mijn onderzoek.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen