zaterdag 30 maart 2013

Sir Karl Popper leed niet aan confirmation bias.en klassieke economen ook niet

Begin jaren 70 tijdens mijn studietijd las ik Karl Popper. Ik was onder de indruk van veel van zijn denkbeelden. Bijvoorbeeld dat de geschiedenis niet volgens wetmatige processen kan verlopen. Als het wel zo zou zijn, kunnen we het toch niet weten, want iedere gebeurtenis is weer uniek. Er is geen manier waarop een historische wetmatigheid getoetst zou kunnen worden. Deze opvatting over de geschiedenis door Popper hangt natuurlijk samen met zijn beroemde falsificatieprincipe. Een wetenschappelijke hypothese is niet sterk als hij bevestigd is, maar als hij nog niet verworpen is. Iedere hypothese kun je bevestigen als je de juiste waarnemingen verzamelt. Daarom moet je proberen een hypothese zo op te stellen dat de kans dat die verworpen wordt zo groot mogelijk is. Als die verwerping dan toch niet plaats vindt, is de hypothese nog steeds geldig. Totdat die alsnog verworpen wordt, natuurlijk. Een hypothese kan makkelijker gefalsifieerd worden naarmate de hypothese preciezer is omschreven en algemener van toepassing is. Een hypothese die alleen maar op een bepaalde plaats en/of voor een bepaalde tijd geldig kan zijn, is minder makkelijk te falsifiëren dan een hypothese die altijd en overal geldig is. Kijken we nog eens naar de klassieke economen. Zij formuleerden wel algemeen klinkende stellingen (de lonen gaan dalen en de grondprijzen stijgen), maar zeiden er direct bij dat die stellingen gewoon de waarheid weergaven. De werkelijkheid is misschien anders, maar dat komt omdat in de theorie niet alle randvoorwaarden kunnen worden beschreven. De klassieken leden dus ook niet aan de confirmation bias. Als de theorie zonder meer waar is, hoef je die niet te bevestigen en al helemaal niet te falsifiëren.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten