vrijdag 20 september 2013

Beleidsmakers trekken ook alleen maar een lijn door

Laatst zat ik bij een bijeenkomst waarin over de financiële situatie van een grote stad werd gesproken. Die situatie is momenteel niet florissant, vooral omdat het met de huizenmarkt niet goed gaat. De gemeenten kunnen hun grond daardoor niet rendabel exploiteren. Iemand zei toen dat bij projecten door gemeenten alleen maar drie jaar vooruit gekeken mag worden. Anders krijg je wensdenken. Dat klinkt redelijk. Toen het nog goed ging met de huizenmarkt, begonnen gemeenten enthousiast aan grote projecten zonder al te uitputtende berekeningen over rendementen, want de rendementen op de commerciëlere onderdelen zouden geweldig zijn. Het gevolg was duidelijk: men ging te veel investeren. Het gevolg van de 3-jaarsregel is ook duidelijk: men gaat te weinig investeren, want in de eerste drie jaar zijn er alleen maar kosten. Ofte wel: als het goed gaat, gaat men te veel doen en als het slecht gaat, gaat men te weinig doen. Dat is een algemeen menselijke eigenschap: als ons of anderen iets ergs overkomt denken we dat het binnenkort weer zal gebeuren. Als er ergens een terroristische aanslag is geweest, moet er binnenkort wel weer een komen. Wat we doen is niets anders dan het in gedachten doortrekken van een lijn. Als die lijn toevallig naar boven gaat, denken we dat die naar boven blijft gaan. Als die lijn naar beneden gaat (en dus tegenspoed impliceert), denken we dat er nooit meer een einde aan onze ellende komt. Het economische beleid is dus ook op die gedachte gebaseerd. Nu gaat het slecht met de economie en de overheidsfinanciën en de beleidsmakers denken (of doen alsof) dat de crisis nooit meer voorbij zal gaan. Er worden draconische maatregelen genomen die voornamelijk tot gevolg hebben dat het alleen maar nog slechter gaat.  

Geen opmerkingen:

Een reactie posten